Dijck

 

Wat een dijk. Ik keek en huilde. Mijn tranen de vrije loop. Ik zag hoe ze zocht. Zoekte. Dat woord is niet goed, dat weet ik wel. Ik weet ook dat je als man niet huilen mag. Maar in de bioscoop, de vrouw rechts van mij zal mij wel een gek hebben gevonden. Je weet vast waar ik het over heb. Over de storm, een verfilming van een drama dat nog veel te dichtbij ligt.

Nee, mijn grootouders gingen niet dood door de storm. Onze familie werd niet verscheurd en verzwolgen. Dat kwam later pas. Ze gingen gewoon dood. In een bed, met een zuster erbij en een dokter die zei: nog twee dagen dan is het af. Maar het meisje. Het blonde meisje zocht zo naar haar kindje. Wanhoop nabij.

En ik kon het niet laten. Ze was zo wanhopig en dan die kloterige jaren vijftig. Ouder dus gelijk. Zwijg! Wat je doet maakt niet uit, ik was hier eerder dus gelijk. Beschimpt omdat je lief kan hebben. Gevlucht ook omdat het liefde was. Wat een hufter, zo een meisje, zo een vrouw. Dus ik huilde. Want ik herkende haar. Ik herkende haar waar ik zo veel van kan houden. En op de film was zij het die zocht.

Het was een cadeau. Ik was weer een jaar ouder dus mocht ik eruit. Naar de film: leuk! Wist ik veel dat ik haar daar ook tegen zou komen. Zocht ze mij? Zo voelde het wel. Ik kon niet bewegen, jaren vijftig he. Stijve nek, glad geschoren bek, staren. Staren en niet zien. Slechte film, veel trucage, b-acteurs en een enkele topper. Niet geheel historisch en met veel te weinig kritiek op de maatschappij. Kortom een veel te vriendelijk tijdsbeeld.

Op de dijk bij ons staan verschillende bordjes. Er is nogal discussie over waar het nu precies is gebeurt. Dus wordt er iedere tien a twintig jaar een nieuw bord onthult. Of ontmoet je weleens iemand die zegt: “het was niet hier, het was daar”. Ik verdenk er zelfs mensen van dat ze expres een extra rondje fietsen om te kijken of er iemand staat. Bij het verkeerde bord dan. Dat ze vertellen dat het beter is honderd meter verder te fietsen.

Haar vader maakt zich er druk om. Op een zondagmiddag heeft hij ooit eens aan de hand van de landkaart uitgelegd hoe het precies zit. Dat was fijn. Vader zo betrokken bij zijn kids. Allemaal rondom de kaart alsof de taart met slagroom net op is. Op verjaardagen moest hij altijd werken, ’s avonds vaak paraat en als hij er was dan werd hij nergens gemist. Ook zo vreemd. Later hoor je de waarheid.

Het blijkt dat de dijk wel gebroken is en dat het water ook in die polder geweest is. Hoog met paniek en mensen gered met een boot enzo. Maar niemand heeft gezegd dat het erg was. Niet zo groot als wat werd beloofd toen je die film had gekeken. De film ging over de watersnood en over dijken. Je kan toch niet bij je schoonouders thuis gaan vertellen dat jij het begreep als liefde. Het worstelend zoeken naar de ware.

Weten dat je in één, twee, twaalf dagen iemand als je grote liefde hebt herkend. Te dik, te dun, te lang, te klein, te blond, te donker, maar als het samen was dan is het fijn. Liefde terwijl je zwemt in het koude water, dwars tegen de stroom in. “Nou schoonvader, je dochter weet van niets, maar ik ken iemand…” Zou hij je slaan? Als een domme botte Zeeuw een klap op je kanis, gewoon van bruut geweld. Dat je hem omduwt en zijn nek breekt tegen de eikenhouten kast. Die niet massief blijkt, dus valt hij alleen maar door het glas en breekt wat spaanplaat. Dat hij ook dacht dat het massief eiken was.

Net als onze liefde. De liefde die kinderen voortbracht en die een langzaam ritme van dood naar leven en van leven naar dood is. Dat het einde samen haalbaar was. Je eigen doelen, wensen en verlangens opzij zet voor de kinderen en schoonmama. Die vrouw moet lijden, lijdt, dus gaat als eerste dood. Een gedeelde zorg om een gruwelijk verwend kind. Altijd pijn he, moet je weten. Jaren vijftig, verschuilen en klein groot maken. Ik walg van je mentaliteit.

En daar liep ze. Over de dijk. Waar de dijk was gebroken zwom ze of vond een boot. Ik keek met betraande ogen. Wat een vechtlust heb jij. Wat een kracht, wat een oneindig vermogen. Maar ik durf niet voor je te kiezen. Omdat je borsten te klein zijn. Jij veel te lang. Ik ben bang voor jou. Voor je lieve glimlach, je zachte handen en de vrees dat alles beter zou zijn bij jou.

Maar je zoekt. Ik zie je toch. Nooit ga ik naar de film en nu krijg ik dit gedonder. Herhaalde discussies over de dijk. Alsof het uitmaakt als je samen fietst, voor de wind, hand in hand en liefde als een zwaar pak onder de snelbinder op de bagagedrager. Ik wou dat jij kiest, voor mij. Dat je voor mij stond en kuste. Dat je zei: wij twee, jij bij mij. Het enige wat je deed was een film maken over een zoektocht. Het enige wat jij deed vertelde jij.

Ik droogde mijn tranen aan een net gestreken zakdoek. Kuchte, ging met mijn vingers nog één keer mijn ogen langs. Een ‘sterk spul’ moment. Stond op, rechtte mijn rug. Ik moest verder. Voor vrouw en kinders! Een typisch jaren vijftig moment. Wat een klootzak was ik en liep de bioscoop uit.

Na weken wikken en wegen mailde ik haar nog steeds niet. Op een dag doe ik het. In de hoop dat ze schrijft “sorry, ik hou niet meer van jou”.
 

Advertenties

Over ghduval

Wat hier staat is echt, tenminste toch echt in het hoofd van Duval en kan dus niet gebeurt zijn. Uitschrijven van gedachten niet meer dan een vriendelijk gebaar zodat u mee kunt lezen, verwonderen, afwijzen of omarmen. Deze weblog is het aambeeld waarop wordt gesmeed. De mens in al zijn verschillende vormen het ijzer wat gesmeed wordt. De gedachten en vele kronkels van Duval zijn de hamer die ritmisch neervalt. Nu alleen de warmte nog. Dat bent u, webloglezer (v/m), het is aan u het vuur hoog op te stoken zodat het wonder van de smid te bewonderen valt.
Dit bericht werd geplaatst in oud-vkblog-2009-10 en getagged met , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

6 reacties op Dijck

  1. dianne zegt:

    je schrijft zo gedreven dat ik naar komma’s zoek die er soms niet zijn.
    De snelheid van het willen vertellen, de gedachtensprongen, de interpretaties die over elkaar heen struikelen. Ik weet niet of ik het helemaal begrijp.
    Is het een identificeren of het zoeken naar de overeenkomst, vraag ik me af bij het lezen van dit stuk.
    Wat ik eruit haal is angst voor de overgave en de worsteling die dat oplevert.
    De liefde heeft verschillende invalswegen waar je kalmpjes overheen kunt gaan of in een zigzag elkaar probeert te vinden. Ik weet ook niet waarom dit zo opkomt. Gedachten springen bij mij ook over elkaar heen in het lezen. Niet altijd, maar dan heb ik het ook niet graag gelezen.
    Ik was nog niet geboren ten tijde van de doorbraak maar de impact die het heeft gehad is voelbaar, ook in dit stuk en de impact van de liefde die niet verdrinken wil.

  2. G.H. Duval zegt:

    Dankjewel Dianne.
    Na herlezen en herlezen toch geplaatst en direct een nieuw weblogitem geschreven "Dichtbij". Dat is voor morgen.
    Je reactie is een mooie, dankjewel again. Ik ben inderdaad benieuwd naar wat anderen lezen, wat er volgens hen staat. Nu nog meer na jouw woorden.
    .

  3. Isis Nedloni zegt:

    Mmmmm….inderdaad prachtig geschreven….mooi zo….van de ene sprong naar de andere sprong in je schrijversziel…..Ja….inderdaad prachtig geschreven vanuit een open hart……en daar…daar ligt precies de kern….
    Vriendelijke middaggroet!; )))))))

  4. ceesincambodja zegt:

    Meesterverteller!
    Ik was er ook bij.
    ( http://www.vkblog.nl/bericht/244141/HET_WATER_KOMT! )
    Ceesgegroetje

  5. G.H. Duval zegt:

    Dankjewel Isis

  6. G.H. Duval zegt:

    Ik was er niet bij Cees… 39, you see…
    En het raakt, die klote storm maar ook die klote oorlog raakt.
    Dat levert een gesprek met ouders, hoe het kan. Als kinderen van net na de oorlog was de oorlog ook hun oorlog. Als kinderen die niet ver hoefden lopen om het water tegen de dijk aan te zien was de watersnood ook hun watersnood.
    Maar het gesprek ging erom hoe iets wat je zelf niet meemaakt je toch zo raakt. De angst voor een doorbraak of een binnenmarcherend duits leger. (Over gotspe gesproken: pas marcheerden ze over de Coolsingel. Dat mag, moet kunnen, we staan wel gekkere dingen toe. Maar ‘het was toch raar’ hoorde ik van verschillende mensen.) De angst bij iemand voor iets wat hij nooit heeft meegemaakt.
    In dit verhaal gaat het natuurlijk om meer dingen die we van generatie op generatie doorgeven. Karakter maar ook dwarsheid. Dingen doen omdat het zo hoort, altijd zo is geweest, punt. En daarmee jezelf of anderen beperken. Ik zie nu pas in (na het lezen van jouw voortreffelijke stuk) dat het niet alleen over mijn houding gaat.
    Je tekst is mooi, autobiografisch schrijf je eronder. Voor in het boek ‘De Ramp’ zijn twee foto’s geplakt. Bij één van de foto’s staat "ons huis". Familie, direkte lijn, water tot aan de dakgoot. Niet klagen maar dragen. Toch moeten dingen worden verteld, zoals jij doet. En doorgelinkt worden als iemand schrijft over iets waar hij zelf niet bij was. Dat maakt je reactie en je tekst dubbel zo waardevol.
    Soms spreek je mensen die zeggen dat het in Zeeland is geweest. Dan knik ik en fluister zacht: ook in Zuid-Holland en het westen van Noord-Brabant. De meeste doden in Zuid-Holland, op de eilanden natuurlijk. Dan is het stil en zie je de vragende blik: eilanden? Dan wil je vertellen over het diepste punt, een boot in de dijk, het dijkleger en besluit te zwijgen.
    Ik denk niet dat dit uitsluitend over ‘De Ramp’ of ‘De Storm’ gaat. Morgen meer.
    .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s