Ik ben net zo goed als jou!

Hij verbergt zich. Sleept zich door de schaduwen in zijn huis op weg naar een verborgen plek. De gordijnen houdt hij dicht. In de zakken van zijn kamerjas zit genoeg om een paar uur te overleven: snoep, een krentenbol, twee eierkoeken en nog een kruimelig koekje. Hij concentreert zich op het glas water. Omvallen betekend opgeven. Betrapt worden met zakken vol en een handdoek op de trap, het donkere gedeelte van de gang of misschien wel elders waar het licht schijnt.

De vloeistof zou zo maar door kunnen rollen naar het licht. Aangetrokken zoals een dier, een kind, blijde mensen die daar willen zijn. In de spotlights zien mensen dat je succesvol bent, in de marge kruipen de tragen. Hij houdt de gordijnen dicht. Zelf zit hij erachter, met zijn rug er naartoe. Voorovergebogen richting zijn scherm. De benen koud want de verwarming doet het niet. Zijn romp gloeiend van het vuur dat woedt boven zijn schouders. Hij schrijft, en hoe! Meters papier vliegen door de printer. Alles wordt met de hand nagelezen.

Vasthouden en opstaan. De gordijnen bij het tweede venster open. De lichtval op het papier, de beweging van zijn hand die de kleur laat veranderen. Het papier bolt naar hem toe en hij leest wat hem op de bolling gebracht wordt. Er komt geen pen aan te pas. Geen notitie in de marge met potlood. Als het niet goed is laat hij los, spoed zich naar zijn scherm en buigt zich dieper voorover. Zucht en schrijft, tikt woest de woorden die het goed moeten laten zijn. Al snel raast hij er nog een alinea achteraan, ertussen, ervoor, nee het is een nieuw begin van iets anders.

Dan zucht hij. Een vogel piept. Het is nog geen gezang en hij opent het gordijn van het venster waar hij zit. Niet helemaal! Welnee, dan zou de reflectie zijn scherm doen schitteren. De letters niet duidelijk te lezen zijn en het schrijven nog meer tot een kwelling worden dan het al is. Even rekt hij zicht. Dan oogst zijn hand een deel van de buit. Verdwijnt diep in de zakken en haalt er twee kartonnen kokers smarties uit. Chocolade met een kleurtje. Als een dagblad met een hoekje voor blijde bloggers. Het maakt hem niet uit.

Met één beweging gaat zo een koker open. De nagel eronder, even kracht en dan knikt het karton, klapt het open en strooit hij alles over tafel. Ordent kleuren, groepeert ze naar aantal, strooit alles door elkaar. Er klinkt een sms. Het is zijn 06, gsm of mobieltje. Hij zou over het ding best een stukje willen schrijven maar het lukt niet zolang hij er geen goede naam voor heeft. In zijn hoofd heet het ding "telefoon" maar het is zo veel meer.  Hij strekt zijn arm en kan er niet bij. Keert zich naar de snoepjes, graait, kauwt en strooit. Er komt een nieuwe orde.

Hij verlangt naar dat wat hij telefoon noemt. Dan kijkt hij naar de kleuren, het is een mooie combinatie. Strijkt ze, ze groeperen opnieuw, veegt ze van de tafel op zijn hand. Opent de klep van de scanner en legt ze neer. Andere pc, nog uit, even starten, hij drukt op knoppen en de scanner gaat te keer. Terwijl het ding zijn werk doet gaat hij staan. Pakt de telefoon en leest "ik ben toch beter als jou". Het is een bevriend blogger, al is het een oprechte vraag of bloggers vrienden zijn. Het gaat toch om aantallen, ranglijsten, totalen en zo veel meer.

Hij knikt en herleest. Denkt na over een antwoord en telt de ronde snoepjes. Twee, vier, zes, zeven, drie meer dan de vorige keer. Het is de rest die is blijven liggen. Als hij ze eten wil dan moet de telefoon weg. Natuurlijk kan hij het ding vasthouden maar dan moet hij ze één voor één eten. Hij voelt zich gretig en wil meer. Aangespoord door een sms. De telefoon ligt op tafel maar binnen handbereik. De scanner is klaar. Hij schrijft al. Schrijft en kauwt. Dan besluit hij te printen. Het wordt een mooi stuk tekst.

Er komt een gemene grijns op zijn gezicht. Snel grist hij zijn telefoontje van het bureau. Al snel strand zijn snelheid in de traagheid van het inkloppen van letters. Drie keer op de zeven om een r op het scherm te krijgen, vier keer voor een s. Hij heeft veel essen nodig voor dit bericht. Eigenlijk zijn het veel te veel woorden realiseert hij zich. Dus uit, niet alleen het bericht weg maar ook de telefoon uit. Daar zijn de smarties weer. Grote ronde stippen op een scherm. Hij mompelt zacht dat als hij kunstenaar was dit wel duizend waard was of tien als er een goede art-consultant in de buurt was.

Hij kuchte, drukte zijn telefoon weer aan en smste dat zijn tekst zou winnen met wel zeven verschil. Het was even zoeken naar het uitroepteken. Er kwam direct een glimlach terug in de vorm van een sms. Eigenlijk had hij een zin verwacht. Die kwam twee minuten daarna. Blijkbaar had zij ook moeite om via een telefoontje teksten te versturen. "Als jij 7 meer, dan moet ik verbeteren. Want zo wil ik zijn: net zo goed als jou want dan ben jij zoals mij." De punt ontbrak en zeven zag hij liever uitgeschreven. Hij wilde haar tekst printen maar toen hij op print drukte kwam zijn eigen tekst nog een keer.

Hij pakte het vel en probeerde te bladeren. Zocht een lijn, een open plek waaronder iets nieuws begon maar nergens stond haar tekst. Uit noodzaak besloot hij de tekst over te typen op zijn pc. Gewoon ergens in een verhaal over niets. Weblogvulling opzoek naar reacties en aanbevelingen. Het was als de slag van een hamer op het aambeeld. Maar dan bij iemand die verder af staat. Het geluid komt dan zo veel later en zo was ook die zin. Pas toen het geprint was op een schoon, leeg, blanco vel. Pas toen de 7 een zeven was en hij de lange zin door een reeks enterslagen in stukken wist te breken. Pas toen drong de waarheid van de woorden tot hem door.

Hij glimlachte. Het was een mooie vrouw vond hij. Ze woonde ver maar weblog, sms en soms eens bellen bracht haar dichterbij. Met één ferme handbeweging ging het laatste gordijn open. Het licht overstraalde zijn scherm. Niets was meer zichtbaar. Hij lachte, zocht zijn jas en schoenen en besloot tot een rondje. Toen ging zijn telefoon. Niet de vaste aansluiting maar die mobiel waarmee je op een onmogelijke manier toch teksten kon versturen. Hij besloot dat het ding klein genoeg was om even kwijt te raken.

Toch keek hij even op het scherm. Het was die vrouw. Hij glimlachte een glimlach die over ging in een ondeugende  grijns. Hij liep weg van bureau, computer, printer, scanner en leeg kartonnetje van snoepjes. Even, heel even besloot hij haar een voorsprong te geven. Want als zij zou verbeteren. Als zij zeven meer. Als zij een tekst zou maken die beter is dan wat ze tot nu schreef. Dan was dat ‘wow’ en kon hij beter fris en goedgemutst de uitdaging aangaan om ook iets te schrijven. Over leven en overleven. Over dingen doen en dingen laten. Over van alles en het alledaagse. In het voorbijgaan zag hij zijn vrouw. Hij riep haar toe: "ik hou van jou" en was al buiten.

Advertenties

Over ghduval

Wat hier staat is echt, tenminste toch echt in het hoofd van Duval en kan dus niet gebeurt zijn. Uitschrijven van gedachten niet meer dan een vriendelijk gebaar zodat u mee kunt lezen, verwonderen, afwijzen of omarmen. Deze weblog is het aambeeld waarop wordt gesmeed. De mens in al zijn verschillende vormen het ijzer wat gesmeed wordt. De gedachten en vele kronkels van Duval zijn de hamer die ritmisch neervalt. Nu alleen de warmte nog. Dat bent u, webloglezer (v/m), het is aan u het vuur hoog op te stoken zodat het wonder van de smid te bewonderen valt.
Dit bericht werd geplaatst in oud-vkblog-2009-03. Bookmark de permalink .

2 reacties op Ik ben net zo goed als jou!

  1. Dunya zegt:

    Intrigerende tekst,bloedstollend qua opbouw en dan houdt hij ineens van zijn vrouw???
    Hij heeft helemaal geen vrouw,toch?

  2. ... zegt:

    Ja,zo is hij.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s